Onderhoudsmedewerkers en andere corporatiemedewerkers komen regelmatig bij huurders thuis, bijvoorbeeld voor reparatieverzoeken of periodiek onderhoud. Tijdens deze bezoeken zien en horen zij van alles, zowel positief als negatief. Daarmee vervullen zij een belangrijke rol als ‘ogen en oren’ van de corporatie.
Wat signaleer je en wanneer onderneem je actie?
Bij huisbezoeken kunnen verontrustende signalen naar voren komen. Denk aan vervuiling, vereenzaming, verloedering, huiselijk geweld of psychische problemen. Maar hoe herken je deze signalen in de praktijk? En wanneer is iets zorgwekkend? In deze training leer je waar je op kunt letten en hoe je een juiste inschatting van de situatie maakt.
Signaleren en melden binnen de organisatie
Signaleren is één stap, melden is de volgende. Je leert hoe het meldingsproces binnen een corporatie werkt: wanneer meld je wat, bij wie en op welke manier? Ook is er aandacht voor afstemming met collega’s en het zorgvuldig omgaan met informatie.
Omgaan met bewoners en bewaken van je grenzen
Naast signaleren leer je hoe je reageert op lastig gedrag van huurders en hoe je lastige gesprekken voert. Je oefent met het inschatten van situaties, het bewaken van je eigen veiligheid en het stellen van grenzen.
Praktijkgericht werken met eigen casuïstiek
Tijdens de training wordt veel gewerkt met praktijkvoorbeelden en eigen ervaringen. Tussen de trainingsdagen werk je aan opdrachten rondom het meldingsproces binnen je eigen organisatie. Door het oefenen met realistische praktijksituaties kun je de kennis direct toepassen in je dagelijkse werkzaamheden.