Woonconsulent in Rotterdam: “Praat niet met opgeheven vingertje”
Renè van Hout werkt bij Havensteder in de “prachtige stad Rotterdam”, zoals hij zelf zegt. Hij is woonconsulent in de wijk Crooswijk. Het is een dynamische wijk, aldus René. Er gebeurt altijd wel wat onverwachts op een werkdag. Een deel van die onverwachte gebeurtenissen hangt samen met personen die verward gedrag vertonen. “Dat zien we steeds vaker. Als corporatie moeten we naast die mensen staan, niet erboven.”
Hoe ziet jouw dag eruit als woonconsultent?
“Meestal kijk ik ’s ochtends in het systeem naar de werkvoorraad. En dan begint de dag waarvan je gisteren niet wist hoe die gaat lopen. Ik kan afspraken hebben, overlastmeldingen, misschien wel een brandmelding, een rechtszaak. Sommige dingen weet ik van tevoren, maar veel dingen komen tussendoor. Dat is ook het leuke van het werk. Iedere dag is verrassend. Het vraagt om flexibiliteit. Als ik door de wijk loop word ik vaak aangesproken en wil ik problemen meteen oplossen als dat even kan. Ik vind het prachtig werk.”
Is het werk veranderd de afgelopen jaren?
“Ja, ik zie zeker een verandering ontstaan. We kennen veel verschillende soorten bewoners. Dat maakt mijn werk interessant en uitdagend. Zo zien we een toename van bewoners in een kwetsbare positie. Bijvoorbeeld mensen die uit een zorginstelling komen, maar ook bewoners die in detentie zaten. Die hebben soms problemen met aanpassen.”
Snap je dat?
“Ja, dat snap ik wel. Stel je voor dat jij jarenlang op straat hebt geleefd of in detentie zat en dan krijg je ineens een eigen woning. Bijvoorbeeld in een portiek met aan alle kanten buren. Daar moet je aan wennen.”
Goede begeleiding is essentieel dus?
“Jazeker, dat is wel belangrijk. Het vraagt soms om andere vaardigheden en begrijpen wat er nodig is. Als corporatie gaan we altijd eerst met de bewoner en zijn begeleider in gesprek. Al voordat er verhuisd wordt. En dan maken we afspraken over en weer. Vaak gaat het heel goed, maar soms ook niet.”
Hoe ga je om met die lastige situaties?
“Als er meldingen zijn gaan we meteen met de begeleider op huisbezoek. Meestal is er sprake van een huur-zorgcontract. We kijken dan om de vier maanden hoe het gaat, ook weer door een huisbezoek samen met de begeleiding. We kijken of we ergens mee kunnen helpen, bijvoorbeeld bij een betalingsachterstand. We proberen mee te denken over een termijnaflossing. In contact blijven is hierbij erg belangrijk. Verstop je niet. We proberen bewoners aan te sporen om contact op te nemen als je een keer de huur niet kunt betalen. Dan kunnen we meedenken. En andersom is het ook aan ons om vinger aan de pols te houden. Ervoor zorgen elkaar wel blijven zien en horen. Dat is mij ook uit de training Omgaan met bewoners met verward gedrag bijgebleven: praat niet met opgeheven vinger. Probeer je in de ander te verplaatsen en te geven wat hij nodig heeft.”
Niet iedereen wil die hulp denk ik?
“Klopt, ik heb ik nu ook iemand die pertinent geen zorg wil. We blijven samen met andere betrokken partijen proberen om die persoon in beweging te brengen. Soms lukt het gewoon niet maar in het merendeel van de gevallen vinden we samen een oplossing.”
Zelf ook aan de slag met het herkennen van verward gedrag?
Wil je ook meer inzicht in de verschillende psychische problemen en verslavingen? Tijdens de training Omgaan met bewoners met verward gedrag leer je meer over dit onderwerp. Ook leer je hoe je deze problemen kunt herkennen en hoe je het beste kunt handelen.
Liever als een in company training? Ook dat is mogelijk. Neem contact op met onze opleidingsadviseurs voor de mogelijkheden.